Login

Doorgeefschenking via fideï commis de residuo: een tweetrapsraket


Gepubliceerd door: Johan Lemmens



De schenking is een algemeen gekende en alom toegepaste techniek om aan successieplanning te doen. Aan de schenking kunnen diverse modaliteiten verbonden worden waarbij tegemoet gekomen wordt aan de wensen van de schenkers.


schenking.jpgEen bezorgdheid die vaak opduikt, is wat met de geschonken goederen gebeurt na het overlijden van de begiftigde. Wat als de kinderen van de begiftigde dan nog minderjarig zijn? De schenkers willen graag het lot van het geschonken vermogen kunnen vastleggen over het overlijden van de begiftigde heen zonder de vrijheid van de begiftigde om over de goederen te kunnen beschikken, in te willen perken.

Photo credit by: <Belgium.be>


Het beding van fideï commis de residuo kan hierbij soelaas bieden.



Praktisch gezien wordt een fidei commis de residuo vaak toegepast bij schenkingen aan onbekwame personen of om het vermogen binnen de familie te houden. Een nieuwe tendens is tevens de toepassing binnen nieuw samengestelde gezinnen.

Door de opname van een clausule fideï commis de residuo worden de goederen in eerste instantie geschonken aan de begiftigde maar wordt het restant van deze goederen (vandaar ook soms de benaming rest-schenking) bij een bepaalde gebeurtenis, veelal het overlijden van de begiftigde, doorgeschonken aan een tweede begiftigde, de zogenaamde verwachter.

Een schenking met een fideï commis de residuo-beding bestaat dus uit twee opeenvolgende schenkingen: (i) de eerste schenking door de schenker aan de begiftigde onder de ontbindende voorwaarde van het overlijden van de begiftigde en (ii) een tweede schenking door de schenker aan de verwachter onder de opschortende voorwaarde van het overlijden van de eerste begiftigde.

Aangezien enkel het restant van de geschonken goederen worden doorgeschonken aan de verwachter, bestaat er geen bewaarplicht in hoofde van de eerste begiftigde zodat die vrij is om te doen en laten met deze goederen wat hij wil. Zo kan hij ook zelf de geschonken goederen op zijn beurt wegschenken. Extreem gesteld is het dus mogelijk dat er niets overblijft van de geschonken goederen om door te schenken aan de verwachter. De verwachter kan zich hier enkel tegen verzetten indien de enige bedoeling van de begiftigde is dat er niets rest voor de verwachter. De bewijsproblematiek in deze is een moeilijke kwestie.

De vrije beschikking over de geschonken goederen door de begiftigde dient genuanceerd te worden. De schenker kan in de schenkingsakte modaliteiten voorzien om de vrijheid van beschikken door de begiftigde in te perken. Zo kan bedongen worden dat de begiftigde enkel schenkingen kan doen van de geschonken goederen aan zijn eigen kinderen. Tevens kan bedongen worden dat hij de geschonken goederen niet kan inbrengen in de huwgemeenschap of een andere vorm van samenleving.

Ook kan de schenker de omvang van het fideicommissair vermogen bepalen door een clausule van zaakvervanging te voorzien. Het fideicommissair vermogen omvat dan ook alle zaken die in de plaats zijn gekomen van de geschonken goederen (de begiftigde heeft bijvoorbeeld een kunstwerk gekocht met geschonken gelden).

Een fideï commis de residuo kan enkel voorzien worden bij een notariële schenking. De opschortende voorwaarde van het fidei commis de residuo zou immers in strijd zijn met de onmiddellijke afgifte van de goederen bij een bank- of handgift.

Wat de verwachter betreft, dient erop gewezen te worden dat deze dient te bestaan op het ogenblik van de schenkingsakte. Als verwachters kunnen dus aangeduid worden de geboren, en zelfs verwekte en later levensvatbaar geboren, kleinkinderen, maar ongeboren kleinkinderen komen niet in aanmerking. Wanneer dus nog een kleinkind wordt geboren na de schenkingsakte, zullen de grootouders de successieregeling dienen te herbekijken. Indien een begiftigde geen kinderen heeft, kan als verwachter een tweede begiftigde in dezelfde schenkingsakte (bijvoorbeeld een broer of zus) aangeduid worden of de geboren kinderen van deze tweede begiftigde.

Het fiscale plaatje van de schenking met fideï commis de residuo is eveneens aantrekkelijk. Wanneer de schenkingsakte wordt geregistreerd (bij schenking voor Belgische notaris of bij vrijwillige registratie indien voor buitenlandse notaris), worden twee maal schenkingsrechten betaald: een eerste maal op de totale schenking aan de begiftigde en een tweede maal op het fideicommissair vermogen (op het restant dus). Belangrijk hierbij is dat bij deze tweede schenking het tarief bepaald wordt op basis van de verwantschap tussen de schenker en de verwachter op het ogenblik van de schenkingsakte.

Opteert men daarentegen voor het niet-registreren in België van een voor een buitenlandse notaris verleden akte, dan kan volgende zich voordoen. Ofwel overleeft de schenker de zogenaamde driejarige overlevingsperiode en dan zijn geen schenkingsrechten noch successierechten verschuldigd noch op de eerste noch op de tweede schenking. Overlijdt de schenker daarentegen wel binnen de periode van drie jaar dan zijn tweemaal successierechten verschuldigd: een eerste maal bij het overlijden van de schenker en een tweede maal bij het overlijden van de eerste begiftigde.


4208 keer bekeken

Rubrieken: Successierechten Registratierechten

Tags: begiftigde bewaarplicht fidei commis de residuo onbekwame personen restschenking samengesteld gezin stiefouder







Favoriete tweets van TaxWorld