Login

Vlaamse Winwinlening versus Waalse Coup de Pouce: twee belastingvoordelen vergeleken


Gepubliceerd door: Wim Putzeys

De Winwinlening en de Coup de Pouce hebben beide dezelfde bedoeling: het voor kleine ondernemingen makkelijker maken financiering te vinden bij particuliere geldschieters.  Beide partijen hebben er voordeel bij: de onderneming verkrijgt extra financiering, de particuliere kredietverstrekker krijgt een fiscaal voordeel. In Vlaanderen bestond dit systeem al langer, sinds aanslagjaar 2017 kan dit ook in het Waals Gewest. We vergelijken beide regelingen.

 

De kredietnemer: wie kan zich financieren via een Winwinlening of Coup de Pouce?

 

Het eerste onderscheid ligt voor de hand: de Winwinlening is enkel bedoeld voor inwoners van het Vlaams Gewest, de Coup de Pouce voor inwoners van het Waals Gewest.

 

Beide regimes zijn bedoeld voor kmo’s. Voor het begrip ‘kmo’ wordt  teruggegrepen naar de Europese regels (aanbeveling 2003/361/EG van de Europese Commissie van 6 mei 2003):  een onderneming waarin minder dan 250 personen werkzaam zijn en waarvan de jaaromzet 50 miljoen EUR of het jaarlijks balanstotaal 43 miljoen EUR niet overschrijdt. De onderneming kan zowel een vennootschap als een natuurlijk persoon zijn.

 

In Wallonië moet het gaan om een startende onderneming, dat wil zeggen een onderneming die minder dan vijf jaar is ingeschreven in de KBO (Kruispuntbank van de Ondernemingen).

 

De kredietnemer moet tijdens de ganse looptijd van de lening op zijn minst een exploitatiezetel hebben in respectievelijk het Vlaams Gewest (Winwinlening) of het Waals Gewest (Coup de Pouce). Een exploitatiezetel is voldoende: het hoeft niet de maatschappelijke of de voornaamste zetel te zijn.

 

Enkele ondernemingen, o.a. managementvennootschappen en beursgenoteerde vennootschappen, worden uitdrukkelijk uitgesloten.

 

De kredietgever: wie mag wel/niet een lening geven?

 

De kredietgever moet een natuurlijk persoon zijn en moet buiten het kader van zijn beroepsactiviteit optreden.

 

De kredietgever mag geen werknemer, aandeelhouder, vennoot, bestuurder, zaakvoerder of bedrijfsleider van de kredietnemer zijn. De echtgenoot of wettelijk samenwonende partner van de kredietnemer-natuurlijke persoon, mag geen kredietgever zijn. De echtgenoot/samenwonende van de kredietgever mag evenmin aandeelhouder of vennoot zijn van de kredietnemer. In Vlaanderen wordt dit beoordeeld bij het sluiten van de lening: de kredietgever mag dus op later tijdstip wel werknemer worden. In Wallonië geldt deze uitsluiting tijdens de hele looptijd van de lening

 

De kredietgever mag zelf geen kredietnemer zijn van een andere Winwinlening (Vl) of Coup de Pouce-lening (W) en dit gedurende de ganse looptijd van de lening.

 

De lening: modaliteiten en maximumbedragen

 

De leningen zijn – in beide regimes - achtergestelde leningen met een duur van vier, zes of acht jaar (Coup de Pouce) en een principiële looptijd van acht jaar, die eventueel vervroegd kan worden afgelost (Winwinlening).

 

De kredietnemer mag het geleende geld enkel gebruiken voor beroepsdoeleinden.

 

De rente mag niet hoger zijn dan de wettelijke rente en niet lager dan de helft van de wettelijke rente.

 

Het maximaal bedrag:

 

  • Winwinlening: 200.000 EUR lenen voor de kredietnemer, 50.000 verstrekken door kredietgever
  • Coup de Pouce: 100.000 EUR  lenen voor de kredietnemer, 50.000 verstrekken door kredietgever.

 

Het fiscale voordeel: een belastingkrediet

 

De kredietgever krijgt een fiscaal voordeel in de vorm van een belastingkrediet. Het krediet wordt berekend op het rekenkundig gemiddelde van de op 1 januari en 31 december van het belastbare tijdperk uitgeleende kapitalen. De berekeningsbasis is voor beide regimes hetzelfde: onderstaand voorbeeld geldt dus zowel voor de Winwinlening als de Coup de Pouce-lening.

 

Het belastingkrediet is uiteraard gewestelijk, en wordt voor de Winwinlening door het Vlaams Gewest toegekend en voor de Coup de Pouce door het Waals Gewest.

 

In Vlaanderen geldt nog een eenmalig belastingkrediet van 30 % voor het geval de kredietnemer de lening niet terug kan betalen.

 

Voorbeeld

 

Marc heeft een onderneming gestart op  1 januari 2015. Op 4 juli 2016 leent hij van zijn vader Robert 30.000 EUR. Het rekenkundig gemiddelde = het gemiddelde van de bedragen uitgeleend op 1 januari 2016 (0 EUR) en 31 december 2016 (30.000 EUR) = 0 + 30.000 = 30.000 EUR/2 = 15.000 EUR. De lening loopt acht jaar.

 

Op deze 15.000 EUR wordt het belastingkrediet waarop kredietgever Robert recht heeft, berekend.

 

De volgende jaren bedraagt het rekenkundig gemiddelde = het gemiddelde van de bedragen uitgeleend op 1 januari 2017 (30.000 EUR) en 31 december 2018 (30.000 EUR) = 30.000 + 30.000 = 60.000 EUR/2 = 30.000 EUR.

 

In het laatste jaar bedraagt het rekenkundige gemiddelde = het gemiddelde van de bedragen uitgeleend op 1 januari 2024 (30.000 EUR) en 31 december 2024 (0 EUR, na terugbetaling van de lening) = 30.000 + 0 = 30.000 EUR/2 = 15.000 EUR.

 

In Vlaanderen bedraagt het belastingkrediet gedurende de volledige looptijd van de lening 2,5 %. In Wallonië bedraagt het krediet de eerste vier jaar 4 % en daarna 2,50 %.

 

Voorbeeld

 

We grijpen terug naar het voorbeeld hierboven.

 

Hypothese 1: Robert verstrekte een Vlaamse Winwinlening:

 

  • het eerste jaar een belastingkrediet van 2,5 % van 15.000 EUR = 375 EUR
  • tijdens de volgende jaren (2 tot 7): 2,5 % van 30.000 EUR = 750 EUR
  • tijdens het laatste (achtste jaar): 2,5 % van 15.000 EUR = 375 EUR

 

Hypothese 2: Robert verstrekte een Waalse Coup de Pouce-lening:

 

  • het eerste jaar een belastingkrediet van 4,00 % van 15.000 EUR = 600 EUR
  • tijdens de jaren 2 tot 4: 4,00 % van 30.000 EUR = 1.200 EUR
  • tijdens de jaren 5 tot 7: 2,5 % van 30.000 EUR = 750 EUR
  • tijdens het laatste (achtste jaar): 2,5 % van 15.000 EUR = 375 EUR

 

In de aangifte

 

De Coup de Pouce wordt aangegeven in code 3386/4386. De administratie berekent zelf het krediet.

 

De Winwinlening wordt aangegeven in codes 3377/4377 (bedrag uitgeleend op 1 januari) en 3378/4378 (bedrag uitgeleend op 31 december).

 

Schematisch overzicht

 

  Winwinlening Coup de Pouce
Gewest Vlaams Gewest  Waals Gewest
Kmo  Kmo – Europese definitie  Kmo – Europese definitie
'Starter'?  Ook voor ondernemingen die al langer bezig zijn  Ondernemingen die maximaal vijf jaar zijn ingeschreven in KBO
Gevestigd in  Eén van de exploitatiezetels in Vlaams Gewest  Eén van de exploitatiezetels in Waals Gewest
Uitsluitingen  Beoordeeld op moment van sluiten van de overeenkomst  Voorwaarden gelden tijdens de volledige looptijd
Looptijd  Principieel acht jaar, maar vervroegde terugbetaling mogelijk  Vier, zes of acht jaar, vervroegde terugbetaling slechts uitzonderlijk mogelijk (bv. bij faillissement)
Bedrag kredietnemer Max. 200.000 EUR  Max. 100.000 EUR
Bedrag kredietgever Max. 50.000 EUR  Max 50.000 EUR
Berekeningsgrondslag Rekenkundig gemiddelde uitgeleend bedrag op 01/01 en 31/12 van aj.  Rekenkundig gemiddelde uitgeleend bedrag op 01/01 en 31/12 van aj.
Belastingkrediet 2,50 %  Tijdens eerste vier jaar 4 %, daarna 2,50 %
Aangifte Codes 3377/4377 en 3378/4378  Code 3388/4388

 

 


 

Meer weten? Zie www.monKEY.be waar PB-specialist Jef Wellens beide regimes in detail bespreekt, of de Aangiftegids Personenbelasting van Maurice De Mey.

 

Benieuwd naar meer? Bekijk dan nu ons aanbod aan 10% korting !


562 keer bekeken

Rubrieken: Personenbelasting

Winwinlening Coup de Pouce belastingkrediet aangifte










Favoriete tweets van TaxWorld